|
Leer eens iets van een dier.
(het moet niet altijd andersom zijn)
tekst afkomstig van Antwerpen Zoo
10 dieren, 10 beestig slimme energietips,
10 bespari ngen op je energiefactuur
Mensen zijn de intelligentste wezens
op aarde, wordt wel eens gezegd.
Maar toch.
Als je eens nagaat hoe onverstandig
we soms omgaan met energie, lijken
we al een pak minder intelligent. Zeker als je dat
vergelijkt met dieren.
Dieren hebben net zoals mensen energie nodig,
maar in tegenstelling tot ons moeten ze zich
zien te redden met wat de natuur hen biedt. Een
centrale verwarming, een ventilator, een koelkast:
dat hebben ze allemaal niet. Ze hebben het
trouwens ook niet nodig, want als het op energie
aankomt, zijn ze een pak inventiever dan wij,
mensen.
De zeeotter
Zeeotters maken gebruik van de lucht -meer
bepaald van luchtbelletjes- om zich te beschermen
tegen de koude van het water. Een ietwat vreemde,
maar heel doeltreffende vorm van isolatie.
Als zeeotters in het water zitten, zal je zien dat ze voortdurend
rondwentelen en buitelen. Heel vaak zal je ze ook
zien krabben aan hun pels. Heeft de zeeotter op zo'n
momenten jeuk? Of vindt hij het gewoon leuk om de
speelvogel uit te hangen? Misschien wel, maar dat is
niet de verklaring voor zijn vreemde gedrag. Als de zeeotter
rondwentelt of in zijn pels krabt, dan doet hij dat
omdat daardoor luchtbelletjes ontstaan. Die belletjes zullen
zich gaan nestelen in zijn pels en zorgen voor een
natuurlijke isolatie tegen het soms heel koude water.
Neem een voorbeeld aan de zeeotter
en hou je warm met lucht.
Jezelf -zoals de zeeotter- warm houden met luchtbelletjes?
Het kan! Je hebt er zelfs niet meer voor nodig dan
een donsdeken. Ga je een koude nacht tegemoet, schud
dan je deken eens goed op voor je gaat slapen. Er zal
zich lucht nestelen tussen de veertjes in je deken en die
lucht zal je beschermen tegen de koude. Een bijkomend
voordeel is dat je de thermostaat van de verwarming op
die manier alweer een paar graadjes lager kan zetten.
Voor 's nachts is zestien graden Celsius voldoende.

Dit is geen zeeotter, maar een gewone, als zij in het water duiken laten zij een spoor na van warme luchtbellen, een goeie manier om af te koelen.
De wallaby
De wallaby -een kleine kangoeroe, zeg maar - is
een uitblinker in het optimaal benutten van energie.
Verrassend, niet? Al dat springen: je zou denken dat daar
massa's energie in kruipen. Niets is minder waar.
Als de wallaby springt, doet hij dat net om energie uit te
sparen. Zou hij gewoon lopen, zoals alle andere viervoeters,
dan zou hem dat immers pákken meer energie
kosten.
Het geheim? Springen vergt slechts één keer energie. Al
de rest komt vanzelf. Eén keer doet de wallaby zijn best
om een goeie sprong te maken, en zijn elastische pezen
zorgen ervoor dat hij -met relatief weinig moeite- blijft
springen. Vergelijk het met een veer (of zo’n springballetje): één keer indrukken (of laten botsen)
en er is geen stoppen meer aan!
.
Neem een voorbeeld aan de wallaby
en spaar energie uit.
Energie uitsparen kan je al door een paar heel kleine ingrepen.
Kook bijvoorbeeld altijd met het deksel op de pot en
met weinig water. Koken zonder deksel kost je al gauw
drie keer meer energie. Bewaar ook je afwas tot je voldoende
hebt om een hele vaatwasmachine mee te vullen.
Beter één keer goed afwassen dan twee keer half. Let er
bij aankopen ook op dat je toestellen aanschaft met een
A-label. Gebruik ook spaarlampen.???.

De aalscholver
Sommige dieren maken optimaal gebruik van de wind en
de zon. Neem nu de aalscholver.
De aalscholver is een grote, koolzwarte watervogel, die
zich voedt met visjes. Om nu aan die visjes te geraken,
moet de aalscholver vaak het water induiken. Op die
manier drijft hij zijn prooi tot in het ondiepe water, waar
het een koud kunstje is om de vis uit het water te halen.
Wil de aalscholver aan eten geraken, dan moet hij dus
zijn veren nat maken. Om die te laten drogen, maakt hij
optimaal gebruik van de wind en de zon. Hij spreidt zijn
vleugels uit, richt ze naar de zon en laat de natuur de rest
van het werk doen.
Neem een voorbeeld aan de aalscholver
en maak optimaal gebruik van de wind.
Wil je de was laten drogen, laat dan je droogkast voor één
keer eens links staan. Als het weer het toelaat, droog je
was dan zoveel mogelijk op een rek of buiten, aan de
waslijn. Koop je een was- of droogtoestel, let dan op het
energielabel. Toestellen met een A-label zijn het zuinigst.

Net als de aalsgover is deze gier gek op het ochtendzonnetje om op temperatuur te komen
De reptielen
Reptielen zijn heel bijzondere dieren, en wel
omdat ze een wisselende lichaamstemperatuur hebben.
Of anders gezegd: hun lichaamstemperatuur verandert al
naargelang de omgeving waarin ze zich bevinden. Je kan
dus al wel raden dat de zon voor hen -veel meer nog dan
bij andere dieren- van onschatbaar groot belang is.
In het woestijnterrarium zie je -als je goed kijkt- een aantal
felgekleurde rode lampen hangen. Met decoratie of met
de lievelingskleur van reptielen heeft dat weinig te maken.
De rode lampen stralen warmte uit, en die warmte hebben
reptielen nodig om hun lichaamstemperatuur
op peil te brengen.. Hebben ze het
koud, dan gaan ze onder de lampen liggen. Wordt het wat
te warm en stijgt hun lichaamstemperatuur, dan zoeken ze
een minder warm plekje -ver weg van de lampen- op.
Neem een voorbeeld aan de reptielen
en verwarm je alleen als het nodig is.
Reptielen verwarmen zich alleen als het nodig is. Op een
heel eenvoudige manier kan ook jij dat eigenlijk doen.
Denk er maar eens over na. 's Nachts heb je bijvoorbeeld
geen verwarming nodig. Een half uurtje voor je
gaat slapen, kan je dus perfect de thermostaat van de
verwarming wat lager zetten. Voor 's nachts is de richttemperatuur
zestien graden Celsius. Voor overdag is dat
eenentwintig graden. Ben je overdag de deur uit, zet de
verwarming dan ook steeds een graadje lager.

Op dit plaatje kun je goed het effect van de warmtelamp zien
De ijsbeer
Isolatie? Daar moet je een ijsbeer niks over komen leren.
De allerwarmste jas of de dikste muts: het vervalt allemaal
in het niets als je het vergelijkt met de vacht van een ijsbeer.
IJsberen vind je normaal gezien terug in het
Noordpoolgebied. Het kan er ijs- en ijskoud zijn, maar de
ijsbeer is daar prima tegen gewapend. Met zijn onderhaartjes,
zijn goed gevulde speklaag en zijn dikke vacht
kan een ijsbeer zelfs de
de ergste kou aan. Bovendien is een ijsbeer zo gebouwd dat hij eigenlijk
nooit kan bevriezen. Kijk maar eens goed en dan zal je zien
dat een ijsbeer amper "uitsteeksels" heeft. Zijn oren bijvoorbeeld
zitten lekker dicht tegen zijn lichaam. Helemaal
anders dan bij jou, maar jij leeft dan ook niet (gelukkig niet)
op de Noordpool!
Neem een voorbeeld aan de ijsbeer en
wapen je tegen de koude.
Er zijn heel wat kleine tips, die er in de winter voor kunnen
zorgen dat je het heel wat warmer hebt. Tips zelfs, die
vaak niet eens veel geld hoeven te kosten. Bevestig achter
de radiatoren bijvoorbeeld een radiatorfolie, die een
groot deel van de warmte weerkaatst, die anders in de
muur zou verdwijnen. Hou ook -als het écht barkoud is zoveel
mogelijk alle deuren en gordijnen dicht. Plaats
eventueel tochtstrips rond de ramen en deuren, maar hou
er wel rekening mee dat je de ventilatie niet belemmert.

De zebra
Typisch aan zebra's zijn hun zwart-witte strepen. In de eerste
plaats zijn die vooral mooi, maar wat je waarschijnlijk
niet wist, is dat die strepen ook een functie hebben.
Eigenlijk hebben ze zelfs alles te maken met energie!
Zebra's leven doorgaans in heel warme streken.
Toch zal de zebra het nooit heel warm krijgen en daar
zorgen zijn strepen voor. De witte strepen stoten de
warmte af en zorgen er op die manier voor dat de lucht
gaat stijgen. De zwarte strepen doen net het tegengestelde.
Ze trekken de warmte aan en zorgen er dus voor
dat de lucht daalt. Die combinatie van stijgende en dalende
lucht heeft het effect van een ventilator. Er komt
immers een luchtcirculatie op gang, zodat de zebra -
alleen maar door optimaal gebruik te maken van de zon – altijd
een beetje in de wind loopt.
Neem een voorbeeld aan de zebra en
ventileer (en isoleer) je woning voldoende
Zeker bij goed geïsoleerde woningen is het nodig om
regelmatig te verluchten. Zet daarom elke dag gedurende
vijftien minuten de ramen open. Doe dat niet alleen in
de zomer, maar ook in de winter. Een goede luchtcirculatie
zorgt er immers voor dat vocht in je huis geen kans
krijgt en dus ook schimmels niet.

Helaas stond deze zebra niet in de zon, anders had je mooi kunnen zien dat de zwarte strepen warmer zijn dan de witte.
De gier
Je zal er een gier nooit op betrappen dat hij tijdens
het vliegen meer energie verspeelt dan nodig. Net zoals
bijvoorbeeld de ooievaar, maakt hij voor de volle honderd
procent gebruik van de natuurelementen en die zorgen
ervoor dat hij amper met zijn vleugels moet slaan.
Bij het vliegen laat de gier zich met zijn brede vleugels
drijven op de lucht. Vertrekken doet hij pas als de aarde
warm genoeg is. Hij wacht dan tot er een warme, stijgende
luchtstroom (thermiek) ontstaat, en die gebruikt
hij om moeiteloos hoogte te winnen. Als hij hoog
genoeg is, verlaat hij de luchtstroom en laat hij zich langzaam
omlaag glijden. Wil hij opnieuw hoger, dan zoekt hij
een nieuwe warme luchtstroom op, die hem weer in hogere sferen
zal brengen.
.

De kameel
Misschien wel het beste voorbeeld van een dier dat heel
zuinig omspringt met energie is de kameel. Want die
twee bulten die een kameel heeft? Die staan er echt niet
voor niks! Beide bulten worden door de kameel gebruikt
om een energievoorraad in op te slaan. Die energievoorraad
bestaat vooral uit vet en komt prima van pas bij
lange tochten door de woestijn.
De kameel heeft zijn hele lichaamsbouw mee
om tijdens die lange tochten zo weinig mogelijk energie
te verspelen. Zijn dikke vacht beschermt hem zowel
tegen de hitte van overdag, als tegen de koude van 's
nachts. Om zo weinig mogelijk vocht te laten verdampen,
houdt hij bovendien gedurende het grootste deel
van de dag zijn neusgaten op een heel klein spleetje.
Een handig truukje, maar we raden het je niet onmiddellijk
aan.
Neem een voorbeeld aan de kameel en
doe eens aan lange-termijn denken.
Lange-termijn denken is alleen maar gunstig voor je
energiefactuur. Denk er, vooraleer je een apparaat aankoopt,
bijvoorbeeld eens over na waar je dat apparaat
precies voor gaat gebruiken. Neem nu een ijskast. Een
veel te grote ijskast kost je alleen maar geld. De regel is
dat voor één persoon een inhoud van honderd liter kan
volstaan. Per volgende persoon komt daar vijftig liter bij.
Het nijlpaard
Het nijlpaard: het lijkt een lui dier en dat is
min of meer ook zo. Er is zelfs een goeie uitleg voor. Als
nijlpaarden zich wat loom gedragen, dan doen ze dat om
zo weinig mogelijk energie te verbruiken.
Nijlpaarden zijn grazers. Ondanks hun aangepaste maag
blijft het moeilijk om uit gras veel energie te halen.
Bovendien zijn het gezellige dikkerds met een zongevoelige
huid. Ze zouden in de Afrikaanse zon dus al
snel oververhitten en verbranden.
De oplossing voor al die problemen? Nijlpaarden gaan
alleen 's nachts grazen, als het lekker koel is. Overdag
liggen ze de hele dag rustig in het water. Op die manier
blijven ze koel ondanks de zon, verbruiken ze weinig
energie en hebben ze rustig de tijd om hun nachtelijke
portie gras te verteren.
Neem een voorbeeld aan het nijlpaard
en verbruik niet meer energie dan
nodig.
Sommige dingen, die ook jij regelmatig doet, kosten een
hoop energie. In veel gevallen kan het een pak zuiniger.
Neem bijvoorbeeld eens een douche in plaats van een
bad. Je verbruikt er de helft minder water en de helft
minder energie mee. Nog meer energie besparen?
Installeer dan douchespaarkop. Vervang -waar
mogelijk- gloeilampen ook door spaarlampen.
Het stokstaartje
Zou er morgen geen zon meer zijn, dan zou dat niet naar
de zin zijn van de stokstaartjes. Stokstaartjes gebruiken
de zon immers om het warm te krijgen.
Stokstaartjes komen voor in de Kalahariwoestijn
in Zuid-Afrika. Typisch aan die woestijn is dat
het er 's nachts verschrikkelijk koud kan zijn en overdag
heel warm. Om nu 's morgens op temperatuur te komen,
zal het stokstaartje altijd de zon opzoeken. Met zijn buikje
zal hij zich richten naar de zonnestralen, omdat zijn
buikje (doordat er zo weinig haar op staat) prima in staat
is om warmte op te slorpen.
Bij het ondergaan van de zon herhaalt hetzelfde scenario
zich. Het stokstaartje zal zich dan opnieuw bevoorraden
met energie om de koude nacht te kunnen trotseren.
Neem een voorbeeld aan het stokstaartje
en profiteer van de zon en
het daglicht.
De zon is dé warmtebron bij uitstek en je zou wel gek
zijn als je daar niet van profiteert. De zon levert bovendien
niet alleen warmte, maar ook veel licht. Hou daar
rekening mee in je huis, door gordijnen in de winter bijvoorbeeld
zoveel mogelijk open te laten overdag. Je kan
ook nog een stapje verder gaan en een zonneboiler aanschaffen.
Dan verwarm je tot de helft van je water met de zon!
Hoe komt het dat sommige dieren koudbloedig zijn?
Bijna alle dieren zijn koudbloedig, behalve vogels en zoogdieren, deze zijn warmbloedig Koudbloedig betekent dat een dier zelf geen eigen lichaamswarmte kan produceren, in tegenstelling tot een warmbloedig dier. De regeling van de lichaamstemperatuur is afhankelijk van gedrag als het opzoeken van warmere of koelere plaatsen of door te zonnebaden. Bekende koudbloedige dieren zijn vissen, reptielen, amfibie??n en geleedpotigen.
Voordelen van koudbloedigheid: - Als ze het warm hebben kunnen ze naar een koudere omgeving, hun tempratuur past zich daarbij aan. - Als de omgevingstempratuur laag is, hebben ze weinig voedsel nodig.
Nadelen van koudbloedigheid: - Bij lage temperatuur (in de winter) hebben ze wel weinig voedsel nodig, maar vindt er in hun lichaam weinig verbranding plaats. Hierdoor kunnen ze geen actief leven leiden - ze leven korter en blijven kleiner en hebben vaak minder ontwikkelde hersenen. Sommige koudbloedige dieren houden een winterslaap. Bijvoorbeeld de kikker, die kruipt in de modder weg
Warmbloedig houdt in dat dieren zelf hun lichaamstemperatuur kunnen regelen . Dit gebeurt bijvoorbeeld door de spieren te laten bewegen, te zweten of de ademhaling te versnellen. Ze hebben een isolatiemiddel, bijvoorbeeld: veren, een vetlaag enz.
Voordelen van warmbloedigheid: - In hun lichaam vindt veel verbranding plaats, hierdoor komt er veel energie vrij en kunnen ze een actief leven leiden (bij elke omgevingstempratuur). Nadelen: - Ze hebben veel voeding nodig.
|